Carolina Maria Schouten

Afbeelding kan het volgende bevatten: buitenHet huwelijk van de 23-jarige Carolina Maria Schouten met de 60-jarige Adriaan François Lammens bezegelde in 1827 de banden tussen de families Schouten en Lammens. Er waren de nodige relaties tussen de beide families, en er is daarover nog het nodige te vertellen.

De Nederlandse gouvernementsambtenaar Hendrik Schouten (1745-1801) had met de Surinaamse Suzanna Hanssen met wie hij in 1772 trouwde vijf kinderen, waaronder de Surinaams kunstenaar Gerrit Carl Francois Schouten (1779-1839) die vooral beroemd is geworden om zijn diorama’s van Suriname.

Gerrit Schouten was een autodidact en leerde zichzelf het schildersvak aan. Gerrit had Lammens als beschermheer en was getrouwd met Maria Helena Zeegelaar. Hun dochter Carolina Maria is in 1804 geboren.

Ook Carolina Maria’s opa Hendrik was actief in het culturele leven van Suriname, hij was bekend als schrijver.

Adriaan François Lammens (1767-1847) is in 1816 als jurist naar Suriname gekomen. Bij de grote brand van 1821 verloor hij zijn woning op de hoek van de Waterkant. Hierbij moest hij zijn toenmalige levenspartner zelf uit het pand redden.

Hierna kreeg hij in 1826 een aanvaring met de Britse jurist Lefroy die in zijn boek Outalissi aangaf dat de Nederlanders door hun wrede behandeling van slaven de grote brand over zichzelf hadden afgeroepen en de Afrikaanse koning Outalissi met deze brand namens hen wraak nam.

Na de brand van 1832 was Lammens verantwoordelijk voor de veroordeling van Mentor, Codjo en Present. Hij zou Suriname in 1835 verlaten.

Zijn zoon uit zijn eerdere huwelijk, Adriaan Francois Lammens junior (1792-1861), sleepte na het overlijden van zijn vader zijn stiefmoeder voor de rechter omdat hij oude schulden van de familie Schouten graag alsnog vereffend wilde zien. Carolina Maria overleefde hem en overleed in 1887.

 

  Auteur: Nico Eigenhuis