Dorothea en Peter de Grote

       Vorige pagina

Dorothea Maria Merian/Graff (1678 –1743) is de jongste dochter van Maria Sibylla Merian. Ze trouwde met de schilder Gsell, en ze kwamen beide voor Peter de Grote te werken.

foto van Nico Eigenhuis.
De afbeelding betreft een werk van Gsell

Dorothea’s opa van moeders kant was de Zwitserse graveur Matthaus Merian de oude (1593-1650) die werkte vanuit Frankfurt am Main. Haar moeder was de bekende kunstenares Maria Sibylla Merian, en ook haar oom van moederskant Matthaus de jonge was een beroemd graveur en portretschilder.

Dorothea’s vader was Johann Andreas Graff een schilder, tekenaar en graveur. In 1699 vertrok de toen 21-jarige Dorothea Graff met haar moeder Maria Sibylla Merian naar Suriname om onderzoek te doen naar tropische planten en insecten.

Na hun bezoek aan Suriname van 1699-1701 werkte Maria Sibylla met haar beide dochters, Johanna en Dorothea, aan het in 1705 verschenen Metamorphosis insectorium Surinamensium.

Het tweede huwelijk van Dorothea was in 1715 met Georg Gsell (1673-1740), een kunstschilder. Tijdens een bezoek van Tsaar Peter de Grote in 1716-1717 trad Georg Gsell op als zijn kunstadviseur. Als kenner van Hollandse kunst adviseerde hij Peter de Grote welke schilderijen en welke andere kunstwerken deze voor welke prijs moest kopen voor zijn paleis de Peterhof in Sint-Petersburg.

Toen Peter de Grote terugging naar Rusland vroeg deze het echtpaar Gsell-Merian bij hem in dienst te treden. Georg werd aangesteld als hofschilder, Dorothea ging lesgeven aan de kunstopleiding van de Petrus Academie van Wetenschappen en werd beheerder van de natuurhistorische verzameling.

Ook schilderde zij bloemen en vogels voor het rariteitenkabinet van de tsaar. In 1736 keerde zij naar Amsterdam terug om een aantal werken van haar moeder te kopen voor de Academie. Aan het hof van de tsaar stond Dorothea ‘Gsellscha’ in hoog aanzien. De Russische kunsthistoricus Somov rekent haar heden ten dage tot de ‘belangrijkste verspreiders van de Europese kunst’ in Rusland. Dorothea overleed in Sint Petersburg.

 

  Auteur: Nico Eigenhuis