Gelderland

Op de afbeelding Post Gelderland bij Jodensavanne

De verwijzing naar Gelderland (en Gelre) komen we in Suriname op meerdere plaatsen tegen. Zo was er sprake van een militaire post Gelderland aan de Surinamerivier en een plantage Klein Gelderland aan het Matapicakanaal.

Ook was er een plantage Gelre aan de Commetawanekreek en een plantage Gelderland. Eens kijken wat we hierover te weten kunnen komen.

De militaire hoofdpost Gelderland is eind 18e eeuw gevestigd op een voormalige suikerplantage naast Jodensavanne. De inrichting van de hoofdpost Gelderland maakte onderdeel uit van de aanleg van het Cordonpad door gouverneur Nepveu als verdedigingslinie tegen de invallen van Marrons.

Plantage Klein Gelderland aan het Matapicakanaal was begin 19e eeuw gekoppeld aan andere plantages, te weten Klein Westphalenhoop (eigendom van Spillenaar) en Plantage Livonia (Ferman).

Plantage Gelre kwam tot stand nadat in 1702 plantage Sinabo werd aangekocht door gouverneur Paulus van der Veen (1660-1733). Door zijn schoonzus Magdalena Maria Boxel-van Gelre (Gelder) werd het naastgelegen Gelre gesticht, de oude naam voor Gelderland. Zij was de weduwe van Andre Boxel, naar wie in Suriname de plantage Boxel is vernoemd.

Tot slot plantage Gelderland aan de Surinamerivier, die gelegen is naast Roorak, In 1759 maakte David Uziel Davilar (die van Ayo) bij gouverneur Crommelin melding van een moordpartij op suikerplantage Gelderland. Een jonge plantage-eigenaar had een aantal van zijn slaven wreed omgebracht. De plantage-eigenaar werd hierna uiteindelijk verbannen uit de kolonie.

  Auteur: Nico Eigenhuis