Koorndijk

       Vorige pagina
Toevlught anno 2004

De familie Koorndijk is van oudsher gevestigd op plantage Toevlught, in de directe omgeving van Overbridge. Het is een invloedrijke familie in Suriname.

Plantage Toevlught (ook wel Toevlugt of Toevlucht) betreft oorspronkelijk koffiegrond, en maakte deel uit van de plantage Pomibo, tot het in 1745 werd afgesplitst. In 1752 waren de erven van Aron de Abraham da Costa de eigenaren van Toevlught.

Het was destijds een kleine koffieplantage van 230 akkers, met 21 slaven. In 1793 was Toevlucht een kleine houtgrond met Visscher als eigenaar. Ten tijde van de Emancipatie was het in bezit van P.C. Stuger en werden 6 slaven vrijverklaard.

Per heden is de plantage in het beheer van de familie Koorndijk, en deze familie kent ook een eigen familiebegraafplaats op plantage Toevlught.

Bij het nazoeken van de naam Koorndijk in de manumissieregisters blijkt in 1833 Willem Koorndijk te zijn gemanumiteerd uit de boedel van Josua de la Parra. Hij start voor zijn familie een kettingmanumissie waarbij hij vermeld staat als W. Koorndijk (voor den vrijdom).

In 1886 kwam bij Koninklijk besluit H. Koorndijk in het bezit van een plantage aan de Surinamerivier. In 1889 werd er een vergunning verkregen om ter plekke hout te bewerken. Het besluit kwam ruim twintig jaar nadat in 1863, het jaar van de emancipatie, de nabijgelegen houtplantage Rorac bij koninklijk besluit werd geschonken aan Broos en Kaliko en hun nazaten, waaronder de families Babel en Landveld.

De familie Koorndijk kent aanzien omdat ze veel aandacht besteden aan de Surinaamse taal en cultuur. Zo heeft de in 2009 overleden onderwijzer Fred (Kwame) Koorndijk naam gemaakt als politiek- en cultuuractivist in Suriname.

Brada Kwasi Koorndijk

Zijn zoon Brada Kwasi Koorndijk schreef het eerste wetenschappelijk werk in het Sranan en verzorgt taalonderwijs in het Sranan. Met het Tata Julius Koenders Sabi Oso eert Brada Kwasi de Surinaamse taalactivist Papa Koenders.

 

 

 

 

 

  Auteur: Nico Eigenhuis