Tyndall

Geen automatische alt-tekst beschikbaar.De familie Tyndall, o.a. ook wel Tyndal, Tijndall of Tindal, is tijdens het Engelse tussenbewind (1802-1816) uit Brits-Guiana naar Suriname gekomen. In Suriname waren de Tyndalls met name in Nickerie actief. De familie waaierde uit naar verre streken.

De oorsprong van deze familie ligt in Tynedale Northumberland. De familie Tyndall had familiebanden met De Veer, waarvan Abraham de Veer van 1822 tot 1828 gouverneur van Suriname was.

Joseph de Veer Tyndall (1778-1845) was met zijn slaven vanuit Grenada naar Suriname gekomen. In Nickerie werden hij en zijn gezinsleden eigenaar resp. directeur van de buurplantages Waterloo, Nursery en Hazard. Hiernaast werden ze ook eigenaar van de aan zee gelegen plantage met de toepasselijke naam Sealand (resp. Zeeland).

Een zoon van deze Tyndall trad in het huwelijk met een Herbert. Hierdoor kwam plantage L’Esperance in het bezit van de Tyndall’s, evenals Klein Bellevue.

Ook was plantage Ellen in Commewijne een tijdje in het bezit van de familie Tyndall. Waarschijnlijk kochten ze deze plantage om de slaven over te brengen naar Nickerie. Zij werd namelijk niet meer genoemd in het emancipatieregister uit 1863 en de plantage was waarschijnlijk toen al verlaten.

De familie Tyndall kwam in de loop van de 19e eeuw vanuit Suriname op meerdere plaatsen terecht, zoals bijvoorbeeld Amerika (George Henry Tyndall) en Australie (Charles Samuel Tyndall).

 

 

  Auteur: Nico Eigenhuis